Artikelen Oppervlaktetechnieken oktober 2009

Blikopener
Een verschil als dag en nacht

Iedere keer als Europa verenigd is, denk ik: tjonge, wat knapt de boel toch op! Overal aquaductjes (Romeinen), of het drieslagstelsel in de landbouw met af en toe een jaartje hersteltijd voor de bodem (Karel de Grote) of een betere administratie (de Franse Tijd)…
Nou ja, er zijn ook wel eenwordingen geweest die andere associaties oproepen, zoals in de jaren ’40, en bovendien waren de Romeinen ook niet alleen maar kunst & cultuur (of voor Eurazië de Mongolen en ga zo maar door). Maar ik bedoel maar: Europa is wel vaker onder één noemer gebracht.

Dat dit ook zonder knokken kan, bewijst de vergaderkolos genaamd ‘Europese Unie’. ‘Vergaderen’ betekent letterlijk ‘samenkomen’, hoewel het niet altijd duidelijk is in hoeverre men werkelijk ‘tot elkaar’ gekomen is. Toch zou ik wel willen stellen: een glas kan half vol of half leeg zijn, en zou je dat glas dan liever heffen in Café Europa of in een vechterskroeg?

Het aardige is, dat de techniek soms de wegbereider is voor het vervagen van grenzen. Internet is dan een erg voor de hand liggend voorbeeld, maar een echt schoolvoorbeeld vind ik de luchtvaart. Dat is toch wel een erg aanschouwelijke vorm van aardbolverkleining. En zo kom ik weer terug bij vergaderen: want niet alleen steeds grotere vliegtuigen en betaalbaardere tickets, maar ook de harmonisering van luchtvaartregelgeving heeft het grootschalige internationaal toerisme mogelijk gemaakt. Dus het waren (na de viermotorige Constellation) vooral de Boeing 747 en de grensoverschrijdende afspraken die het aardbolletje ineen deden krimpen. Ja, die Jumbo Jet van de vorige voorpagina.

Inmiddels hebben we daar de Airbus bij gekregen, want één van de taken van het ‘Project Europa’ is om Frankrijk en Duitsland úit de rivaliteit en ín de harmonie te krijgen. Anders zitten ze mekaar maar de tent uit te vechten. In Stresa ontdekte ik trouwens dat er een aardige berg roestvast staal in zo’n Airbus gaat (zie de rubriek Nieuws uit de Markt, RVS is trouwens een goede economische barometer). Met Engeland kun je ook beter een Kanaaltunneltje spitten dan geopolitiek handjedrukken, weten wij net als de Fransen uit de eigen geschiedenis (de vier ‘Engelse Oorlogen’, in Engeland beter bekend als ‘Dutch Wars’). Overigens was de Frans-Engelse Concorde natuurlijk ook een mooie poging om van ‘internationale samenwerking’ een gevleugeld woord te maken. De VOM-website had trouwens jarenlang een Rolls Royce motor in de banner (Techniekmuseum Sinsheim).

Om het nóg mooier te maken: het vierjaarlijkse congres over oppervlaktebehandelingen aan rollend spoorwegmaterieel, Ecolromat te Mulhouse (Frankrijk, mét spoorwegmuseum), is door de inmiddels op leeftijd gekomen grondleggers ooit mede bedacht omdat ze vonden dat je als Duitsers en Fransen zoveel mogelijk de samenwerking moet zoeken. Dit vanwege de bewogen geschiedenis van deze buurlanden, die ze zelf deels hadden meegemaakt.

Nóg een aardbolkrimper: de zeecontainer. Berehandige uitvinding, maar je moet dan wel internationaal de afmetingen afspreken, zodat schepen en overslagfaciliteiten ermee afgestemd kunnen worden op treinen en vrachtwagens. Normalisatie is net zo’n onderwerp: wie wil er nou in elk land een ander stopcontact, of een ander DVD-opslagformaat? Pas wilde ik bij de BBC een serie over het Romeinse Rijk kopen, maar níks hoor: Amerikááns formáát! Liggen die linksrijders halverwege de oceaan of zo??? In Israël verschalkte ik een DVD met bijbelse kaarten, in Nederland kreeg ik het níét aan de práát. Amerikááns formáát!

Fnúíkend!

Nee, dan zie ik liever sterretjes van de Europese vergadervlag. Trouwens, na thuiskomst van mijn jaarlijkse congrestoernee zegt mijn krant dat de premier misschien wel Europa’s president kan worden. Ja die man van Normen en Waarden (zie de rubriek Techniek voor échte normen). Dan denk ik: leer nou een vák en word eindredacteur van een technisch blad, dan kóm je nog eens ergens. En om de duit bij de zak te voegen, ‘put your money where your mouth is’ zeggen de Engelsen dan: het enige land waar ik bij mijn congrestoernee geen rotte knaak besteed heb (van de tien) is Zwitserland, want ik had geen trek in restpartijen koper- en nikkelgruis. Dus overal kennis getapt voor de VOM-leden, en euro’s achtergelaten waar ze ze aanpakken. Zoals in Café Europa, in de vroegere hoofdstad van de Habsburgse Monarchie. Die dan steeds overhoop lagen met de Bourbons, en Jan Joker met de Riek mocht dan weer het slagveld op. Nee, dan liever Project Europa, kun je nog een technisch-economisch themanummer aan wijden ook!

Edward Uittenbroek
Eindredacteur
Oppervlaktetechnieken