Artikelen Oppervlaktetechnieken september 2006

  • Modern aanbesteden bij Koningin Julianabrug
  • De klant mag er niets van merken
  • Regelgeving als aanjager voor innovatie
  • Wordt na 50 jaar zwaartepunt staal, de komende 50 jaar lichtmetaal het zwaargewicht?
  • Coatingtechnologie als instrument voor toekomstmuziek
  • AWARE-code instrument voor bewuste keuzes
  • Van vakman tot ingenieur II
  • Karlsruhe nieuwe beursstad voor de lakindustrie

Van de redactie
TRENDS DUIDEN, DEEL 1

Als je niet weet hoe je je lezing voor een congres moet noemen, laat je de titel beginnen met “trends”. Dat trekt.

Dit heeft al zo vaak tot teleurstelling geleid, dat het amper nog werkt, en er zijn zelfs platvloerse productpresentaties onder die titel voorgeschoteld.

Een goede leverancier heeft veel verstand van zijn eigen producten en veel aandacht voor zijn afnemers. In hoeverre hij dan aan trendsignalering toekomt, mag je je in alle ernst afvragen. Anderzijds kan een verfvertegenwoordiger die veel bij bedrijven over de vloer komt, daar de marktbehoefte opvangen waar de betreffende oppervlaktebehandelaar mee geconfronteerd wordt. Bijvoorbeeld de vraag naar naar maatvaste deklaagtoepassingen of ontwikkelingen op gebied van non-ferro substraten. Vragen over naar kleurmeters of garanties. Maar moet een vertegenwoordiger of productontwikkelaar zelf de trends allemaal in de peiling houden?

Daar zijn eigenlijk de managers voor. Zij hebben enerzijds tot taak om hun medewerkers optimaal te laten functioneren. Vandaar de problemen in het onderwijs, want daar is er voor de docent-agent geen aardigheid meer aan en staat de leerling inmiddels onderaan de aandachtslijst. De mana-gers zijn met de cijfers bezig, en omdat ze onderhand in de meerderheid zijn, moeten docenten zich daar in voegen. Meeste stemmen gelden.

Maar anderzijds moeten de managers niet alleen hun medewerkers aansturen, maar ook het schip als geheel. Zeker de industrie moet de boterham in een snel veranderende omgeving verdienen. Die is bij de managers meestal beter belegd dan bij de vakdeskundigen, dus daar gaan wij eens het vergrootglas boven houden.

Hoe krijgt een manager het voor elkaar de voor het bedrijf belangrijke trends te signaleren, en hoe krijgt hij/zij vervolgens de juiste marktkennis bij de juiste medewerkers? Toen de oplosmiddelarme lakken in opkomst waren, werd –bij wijze van spreken- voorspeld dat men binnen vijftien jaar amper nog een oplosmiddelmolecuul zou tegenkomen. Alleen marktonderzoeker Irfab vermoedde dat het wel mee zou vallen, hetgeen de Brusselse firma pardoes spreektijd bij sommige managersbijeenkomsten opleverde. Sommige? Niet allemaal? Achteraf nog gelijk gekregen ook.

In hoeverre we werkelijk meer willen dan meters maken en klagen over de prijzen, zulllen we eerst nog maar eens zien.Een grondstofleverancier die vooral biologische ingrediënten aanbiedt, zal zeggen dat dit hélemaal de trend is. Een leverancier van easy to clean lakken zal misschien zeggen dat architecten van geen andere lak meer willen weten. Een leverancier van vezelversterkte kunststoffen zal misschien zeggen dat de hele metaalindustrie een dinosaurus is.

Hoe weet een vertegenwoordiger nou of iets een werkelijke trend is, of een behoeftenstimuleringscampagne? De persberichten in vakbladen kunnen ook op een gerichte campagne vanuit één koker duiden.

Congressen bezoeken en gesprekjes aanknopen, of vakbladen met congresverslagen lezen, geeft een beter beeld. In Duitsland is er een speciale cursus voor lakverkopers, zodat hun kennisniveau snel opgestoomd wordt. Hij wordt door uitgeverij-congresorganisator Vincentz Network met de Europäische Gesellschaft für Lackiertechnik EGL aangeboden. Als je daar nou eens een continue actualisering vanuit vakbladen en congressen aan toevoegd, is het tevens een opfriscursus voor de werkelijke trends. De komende maanden onderzoekt de EGL of dit inspeelt op de behoeften in de Nederlandse coatingindustrie. Want de trend is zogenaamd dat we een kenniseconomie zijn waar de kennis rondom het product en de co-makership in overleg met de opdrachtgever doorslaggevend zijn. Maar in hoeverre we werkelijk meer willen dan meters maken en klagen over de prijzen, zullen we eerst nog maar eens zien.

Edward Uittenbroek,
eindredacteur